Een van de hoofdattracties is de jaarlijkse migratie van kudden wildebeesten. Gedurende het regenseizoen
(december tot mei) zijn de verspreid over het zuiden van de Serengeti en in het gebied bij Ngorongoro.
Als het droge seizoen aanbreekt droogt dit gebied snel uit, en trekken de wildebeesten naar het noorden,
op zoek naar voedsel. In het droge seizoen (july tot oktober) trekt de kudde naar het Masai Mara Nationaal Park in Kenya.
In november begint weer de terugtocht naar het zuiden.
Het hoefgetrappel, de stofwolken en het constante geluid dat de dieren maken zijn er spektakel dat zijn weerga niet kent.
Lang niet alle wildebeesten voltooien de tocht met succes, want de uittocht wordt op de voet gevolgd
door leeuwen, cheeta's en hyena's. bovendien wordt de oversteek van de Grumeti en Mara-rivier honderden wildebeesten noodlottig
De Serengeti is ook bekend om zijn leeuwen, jachtluipaarden (cheeta), zebra's en giraffen. Ook vind je er gazelle soorten, impala's,
wrattenzwijnen, klipspringers en een rijk vogelleven.
In de Serengeti vind je de "big five", De leeuw, het luipaard, de neushoorn, de buffel en de olifant.
De luipaard (leopard, Panthera pardus) en het jachtluipaard (cheetah, Acinonyx jubatus) worden vaak verward. De Maasai hebben beide soorten zelfs dezelfde naam.
Luipaarden zijn zwaarder en sterker dan een cheetah, doch ook de luipaard is slechts 1/3 van het formaat van een leeuw. Luipaarden wegen tot 30 kg.
's Wereld snelste dier is een lichtgebouwde grote katachtige, met relatief dunne poten. Ze hebben een geel-bruine vacht met kleine vlekken,
een lichte onderkant, zeer kenmerkende "uitgelopen ogen" en is zwart/wit geringd aan het eind van de staart.
De eland antilope is de grootste antilope die hier rondloopt. Hij is hoofdzakelijk te vinden op de open savanne en op bergachtige grasvlakten,
in groepen van gemiddeld 10 dieren. Als de eland antilope loopt zijn klikgeluiden te horen, door de hoeven die elkaar raken.
Zowel mannetjes als vrouwtjes hebben hoornen. Die van het mannetje hebben een gemiddelde lengte van 65 cm, zijn spiraalvormig aan de basis, en
staan recht naar achteren.
De gemsbok of Oryx antilope is te vinden in de drogere gedeelten (woestijn), en op de open savanne. Het kan namelijk uitstekend langere tijd
zonder water. Om water te besparen laat het zijn lichaamstemperatuur stijgen tot 46 °C, een waarde die dodelijk zou zijn voor de meeste andere dieren.
De hoornen van de vrouwtjes zijn groter dan die van de mannetjes (tot 110 cm).
De impala is alom aanwezig in Afrika. Hij komt voor in kudden van 100 stuks. De gebogen V-vormige hoornen zijn bij het mannetje gemiddeld 75 cm.
Meestal zijn ze in de buurt van water te vinden. Hij is bekend om zijn snelheid en springvermogen - Hij kan 10 meter ver of 3 meter hoog springen.
De Kudu is de op één na grootste antilope in Afrika. Hij houdt zich bij voorkeur op in rotsachtig terrein met voldoende drinkwater.
Zijn spiraalvormige hoornen kunnen tot 100 cm lang worden. Hij leeft in groepen van 10-60 stuks, doch op grassig terrein kun je wel 1000 dieren tegenkomen.
Buiten het paarseizoen vind je vaak groepen "vrijgezelle" mannetjes.
Er zijn twee sub-soorten, de "greater kudu", en de "lesser kudu"
Het hertebeest is herkenbaar aan zijn smalle kop en korte hartvormige hoornen, die een lengte tot 45 cm kunnen bereiken
Ze zijn te vinden op grasvlakten, maar ook in de savanne.
Dominante mannetjes verdedigen de kudde met de vrouwtjes, terwijl vrijgezelle mannetjes in groepen rondtrekken.
De waterbuck bevindt zich meestal in de buurt van water en bebossing. Het is een uitstekend zwemmen, en zal snel het water ingaan
om aan roofdieren te ontkomen. Mannetjes hebben een territorium, terwijl de vrouwtjes rondzwerven en zo op hun terrein komen.
Ze hebben klieren die een onaangename, musk-achtige geur verspreiden, die zo aangenaam kan zijn dat de meeste grote roofdieren
de waterbuck links laten liggen. Een waterbuck is eenvoudig te herkennen aan een ring van wit haar bij hun achterste (zie foto rechts).
Alleen mannetjes hebben hoornen die tot 100 cm lang kunnen worden.
De Gnoe (engelse naam: Wildebeest), waarvan er meer dan een miljoen zijn, is de belangrijkste planteneter, en daarmee
ook de hoofdprooi van vleeseters zoals de leeuw en de hyena. De Gnoe graast bij voorkeur 's morgens vroeg en 's avonds laat.
In de Serengeti en Masai Mara trekt de gnoe met de seizoenen door het gebied, op zoek naar goed gras en voldoende water.
Deze kleine antilope leeft meestal solitair. Hij is grijs tot bruin van kleur. Hij kan uitstekend gedijen in gebieden met weinig water.
Zijn voedsel bestaat voornamelijk uit fruit, bloemen, bladeren, kleine vogels en rupsen. Het heeft hoornen tot een lengte van 18cm.
Hij lijkt sterk op de steenbok, doch hij is groter, heeft kleinere oren, een zwarte band bij zijn neusgaten, en de steenbok is roder van kleur.
De steenbok is een kleine, slanke antilope, met een lichte rood-bruine tot donderbruine kleur. De onderkant van de steenbok is wit. Mannetjes
hebben kleine, rechte hoornen. Ook de steenbok leeft veelal solitair. Hij is vooral 's nachts en 's ochtends actief. De steenbok dankt zijn naam aan
zijn kleur, die lijkt op die van stenen. De steenbok eet zowel bladeren als gras. Als hij bedreigd wordt gaat hij plat in het gras liggen, om op
het laatste moment zig-zaggend te ontsnappen.
Nog een antilope die veel op de vorigen lijkt. De klipspringer is te herkennen aan het feit dat hij op zijn tenen lijkt te lopen. Zijn hoeven
zijn speciaal toegerust voor balans en grip op de rotsen, zodat het in staat is schijnbaar onmogelijke capriolen uit te halen. Normaal verblijft
de klipspringer dan ook op rotsachtig terrein. De hoeven hebben een rubber-achtige structuur, om schokken te kunnen opvangen.
Klipspringers vormen paren voor langere tijd. Als de een alarm slaat, zal de partner dit vrijwel
altijd beantwoorden.
Dik-Dik's zijn de miniatuur antilopen van Afrika. Hij heeft een flexibele snuit, en staat soms op zijn achterpoten om bij zijn favoriete voedsel,
sappig fruit te komen. Dik-Dik's zijn monogaam, en paartjes hebben een eigen territorium. Ze zijn niet afhankelijk van water, doch zullen wel
drinken indien het voorradig is. Ook de hoeven van de dik-dik hebben een schokabsorberende substantie. Hij lijkt enigzins op de steenbok, maar de dik-dik
heeft een toef haar op zijn voorhoofd. De Dik-dik heeft hoornen tot 12 cm lengte.